Op zoek naar wat nieuws over Lucebert stuitte ik op een artikel van Nico de Boer uit BN De Stem. De titel luidt: Zonder humor is de dichter verdacht. Ik kan er niet echt een touw aan vastknopen maar het heeft iets te maken met de boekenweek en het thema Lof der Zotheid. Het stuk opent met een zin die als geen ander laat zien wat een anakoloet is: Scherts, satire en ironie’ luidt het thema van de 72ste Boekenweek, onder het motto ‘Lof der Zotheid’. Een wat omslachtige manier van de stichting Collectieve Propaganda van het Nederlandse Boek (CPNB) om de ‘humor in de letteren’ te promoten in de breedst mogelijke zin. Over omslachtig gesproken.
Het gedeelte over Lucebert bevat gelukkig een citaat van Reve en is dus dragelijk: Voor Lucebert, Hugo Claus en Gerard Reve behoorden ernst en luim, het banale en het verhevene als vanzelfsprekend bij elkaar. Zelden hoor je poëzielezers bulderen om een gedicht dat in de grond getuigt van een diepe ernst, maar Reve heeft nog steeds de lachers op zijn hand: Gevraagd naar zijn opinie over het jongste prachtboek De Avonden, zeide eens de oude schrijver Nescio: ‘Dat boek? Dat is geen boek: dat is een onboek.’ ‘ Toch pakt het je wel aan, Pappie’, wierp zijn vrouw hem tegen.
‘Dat is zo’, gaf hij toe. ‘Net als de cholera.’
Een zin als deze biedt ook een leuk bruggetje voor mij tussen Reve, Lucebert en Nescio. En dan zie ik deze afbeelding met komisch bijschrift:

In een miniscule letter staat daar het volgende onderschrift: In het werk van de schilder Jeroen Boch, een echtgenoot van Erasmus, staat humor en zotheid vaak centraal. Zoals ook in dit schilderij van eind vijftiende eeuw: de hel.
http://www.bndestem.nl/boeken/article1202043.ece